Met de camper naar de Grand Canyon

Met de camper naar de Grand Canyon

We zijn naar Las Vegas gevlogen om aan onze camperreis door de VS te beginnen. Na de voor Europeanen verplichte nacht in een hotel – je mag niet direct met een jetlag aan je camperreis beginnen – gaan we met de taxi naar het ophaalpunt van Apollo. Nu had de ophaalprocedure bij een eerdere camperreis vanaf Denver hooguit anderhalf uur geduurd. Wat papieren ondertekenen, een Nederlandstalige instructiefilm over de camper bekijken, een inspectierondje om de camper lopen en dat was het wel. Maar zodra we in Las Vegas het parkeerterrein van Apollo op rijden, wordt direct duidelijk dat het vandaag niet zo vlot zal gaan. Overal zitten mensen bij stapels koffers buiten in de zon, die rond half tien al aardig brandt. Binnen is het een tikje chaotisch. Overal hangen en zitten mensen op banken en stoelen. Een bont gezelschap van Italianen, Fransen, Nederlanders en Duitsers komt een camper inleveren of ophalen. Op doordeweekse dagen is het eerst tot 11 uur inleveren en vanaf 12 of 13 uur kun je je camper ophalen. Maar nu is het zaterdag en is het campersteunpunt voor beide groepen tot 12 uur open. Een van de medewerksters, een oudere vrouw die Duits en Tsjechisch spreekt, wijst ons volgnummer tien toe en wijst ons op de computerterminals. “Ga daar maar het bestuurdersformulier invullen. Daar heb je tijd genoeg voor.” En weg is ze weer, naar een kantoortje waar zo te zien zwaar overleg gevoerd wordt met een aantal mensen die hun camper komen inleveren. Een schadegevalletje misschien, speculeren we.

De camper ophalen

Er komt een Nederlands gezin binnen. De vrouw begint onmiddellijk te mopperen dat het allemaal weer lang gaat duren. “Bij het ophalen duurde het ook al drie uur”, klaagt ze. Maar tussen de andere wachtenden beginnen zich intussen spontane gesprekken te ontwikkelen. Er worden geplande routes doorgenomen en ervaringen van eerdere camperreizen uitgewisseld. De Nederlanders met volgnummer dertien gaan naar Yosemite Park en gaan ook nog met een auto langs de westkust trekken. Een ouder Duits echtpaar dat de camper komt inleveren geeft wat overgebleven etenswaar aan landgenoten die een camper komen ophalen.

Ondertussen tikt de tijd voort. Af en toe verdwijnen er wat mensen met een zak vol schoon beddengoed en handdoeken door de achterdeur richting de camper die de komende tijd hun thuis wordt. “Welk nummer had je?”, is steevast de vraag. En door de voordeur vertrekken mensen met bagage. Zij hebben hun camper ingeleverd en gaan naar een hotel of vliegveld.

Na ongeveer anderhalf uur wachten lijkt het ineens sneller te gaan. De meeste ‘inleveraars’ zijn al weg. Af en toe klinkt er gejuich op als een ‘ophaler’ aan de beurt is. De vier medewerkers van Apollo zien er ook de humor wel van in en doen hun best. Niettemin dreigt ons reisschema voor de dag aardig in het water te vallen. We wilden doorrijden naar een camping bij de Grand Canyon, ruim vier uur rijden. En boodschappen doen kost ook zo anderhalf uur. Daar gaat onze mooie planning.

Na uiteindelijk twee uur wachten zijn we aan de beurt. Apollo-medewerkster Blanca neemt uitgebreid de tijd om alles met ons door te nemen: van de verzekeringen en de aansprakelijkheid tot het speciale RV- toiletpapier en de chemicalien die om de paar dagen in het toilet moeten. Via Worldwidecampers hebben we onze verzekeringen goed geregeld, dus dat scheelt tijd. We kunnen eindelijk onze camper gaan bekijken. “Hoera”, juichen we naar de Nederlanders die als nummer dertien op de lijst staan.

25 foot Winnebago Minnie Winnie
Onze camper is een 25 foot Winnebago Minnie Winnie die nog nieuw ruikt. Er staat nog geen 15.000 mijl op de teller. De camper is uitgerust met gasoven, magnetron, driepits gasfornuis, een behoorlijk formaat koelkast en tal van handige snufjes, zoals usb-stopcontacten om je telefoon en iPad op te laden. Dat gaat veel sneller dan via de 110-volts stopcontacten. Een camera aan de achterzijde helpt bij het achteruit rijden. Verder beschikt onze Minnie over een elketrisch oprolbaar zonnescherm en ledverlichting aan de buitenzijde, om de muggen op afstand te houden en meer dan genoeg bergruimte voor de bagage. De camper ziet er perfect uit. Alle tanks die vol moeten zijn, zitten vol, dus we halen de bagage en kunnen eindelijk op pad.

Op weg naar de Walmart, twee ‘blocks’ vederop, passeren we het wereldberoemde bord ‘Welcome in Las Vegas’. Op de parkeerplaats parkeren we onze camper bij een groepje andere campers. Kennelijk gaan meer Apollo-klanten hier inkopen doen.En een dik uur later als we met een volle kar boodschappen de supermarkt weer uitlopen, komen we de ‘Nederlanders van nummer dertien’ weer tegen. Ook zij hebben hun camper opgehaald en gaan voorraden inslaan. Zij gaan richting de westkust, wij naar het zuidoosten, naar de Grand Canyon. Hoewel we zwaar achterliggen op ons schema en we volgens de routeplanner pas rond een uur of tien op onze eindbestemming zullen aankomen, besluiten we toch om een bezoek te brengen aan de Hooverdam. Dat kost dan wel weer extra tijd, maar de stuwdam en Lake Mead, waar de geplande zwemstop helaas komt te vervallen, zijn zeer de moeite waard. Voordat we bij de dam zijn, passeren we eerst een checkpoint. Stuwdammen zijn mogelijke doelwitten voor terroristen en daarom worden alle voertuigen gecontroleerd. De ene ranger wil de propaantank en de generator zien, terwijl zijn collega binnen een kijkje neemt. “Daankjauwwel”, zegt hij in in een krom Nederengels. Ik vraag hem hoe hij weet dat ik uit Nederland kom. “Dat zag ik aan je broek”, zegt hij met een grijns, terwijl hij op mijn driekwart broek wijst.

Grand Canyon
We mogen verder over de kronkelige bergweg en even later rijden we stapvoets over de imposante dam met z’ fiere inlaattorens. Op de rotsen boven Lake Maed is duidelijk te zien dat het waterpeil vroeger vele malen hoger heeft gestaan dan nu het geval is. Het verderop gelegen Las Vegas gebruikt duidelijk veel meer water dan er in het meer stroomt. We parkeren de camper en lopen de dam over. Er staat een bordje bij de immense overloopgoot. “Als u hier water in ziet, bent u getuige van een historische gebeurtenis”, luidt de tekst. En aan de lage waterstand te zien gaat die gebeurtenis voorlopig niet plaatsvinden.

Eigenlijk moet je voor een bezoek aan de dam toch al snel twee uur uittrekken, inclusief het heen- en terugrijden en een bezoek aan het visitorcenter. Wij hebben helaas niet zoveel tijd en vertrekken weer naar de Grand Canyon. Daar komen we tegen elf uur ’s avonds aan. Bij de parkentree kopen we een kaartje bij de kaartjesautomaat. Nog een kilometer of vijf verder komen we bij de camping aan. Er is geen slagboom dus we kunnen zo naar onze gereserveerde plaats doorrijden. De plaats is een zogenaamde pull through, dus daar rijd je makkelijk in en uit met een camper. Het Amerikaanse campingleven is helemaal ingesteld op campers. Even voor middernacht liggen we onder de wol.