Terug naar de kust

Terug naar de kust

Het bezoek aan Karijini National Park was de rit waard; nu rijden we met onze Apollo terug naar de kust. We overnachten bij de Cheela Plains Station Stay. Slapen bij de boer, zeg maar. Geen dier te zien, overigens. Die zwerven ergens in de bush. Als je hier woont, zit je echt in the middle of nowhere. Boodschappen haalt de boerin in Tom Price; 130 kilometer rijden. Heen. En 130 kilometer terug.

Vuurtoren

Van de boerderij is het 440 kilometer naar Exmouth. Daar overnachten we in het Ningaloo Lighthouse Caravan Park, vlakbij -zoals de naam al zegt- een vuurtoren. Het is een ruime en rustige camping, zonder wifi. De camping ligt vlakbij het Cape Range National Park (waar o.a. tweehonderd vogelsoorten leven) en het Ningaloo Reef, waar we morgen willen snorkelen. Zin in!

Snorkelen

Vanaf de camping is het vijftig kilometer rijden (na het aantal kilometers van de afgelopen dagen vinden wij dat vlakbij) naar Turquoise Bay. Een zandstrand aan kristalhelder turquoise water. Met mijn snorkel, masker en flippers loop ik het water in. Prachtig gekleurde vissen om me heen. Na driekwart dag snorkelen zijn we knalrood. Natuurlijk weer te weinig zonnebrandcrème gesmeerd.

Zonsondergang

Op de camping het zand weg douchen en daarna naast ons camperbusje genieten van een glas Australische Sauvignon Blanc en Little Creatures bier. Vervolgens beklimmen we de heuvel waarop de vuurtoren staat, om de zonsondergang te zien. Achter ons kleurt de lucht paars, in het westen is ‘ie prachtig rood. Als we terug op de camping zijn, is het stikdonker en staat de hemel alweer vol sterren.

Vakantiedorp

Vandaag rijden we naar Coral Bay. Dit is wat je noemt een vakantiedorp. Ik tel drie campings, een hostel, een supermarkt en drankwinkel, een kroeg en een benzinestation. Strand en zee zijn op loopafstand en overal zijn vakantiegangers. Gezellig! Camping Bay View is de eerste plek tijdens onze rondrit, waar mensen om half tien ’s avonds nog buiten zitten te kletsen. Op campings waar we eerder waren, was iedereen dan allang onder zeil.

Grey Nomads

Tijdens de 230 kilometer van Coral Bay naar Carvarnon komen we vooral Grey Nomads, gepensioneerde Aussies, tegen. Onderweg naar warmer weer trekken ze in groten getale met hun campers door het land. “Het zijn net migrerende vogels”, zegt een schoonmaker op een camping lachend. “In het najaar trekken ze naar warmer oorden, in het voorjaar naar de koelte.”

Pensioen

Als je hier de pensioengerechtigde leeftijd bereikt, kun je in één keer je pensioen laten uitkeren. Veel mensen kopen van dat geld een camper en rijden een jaar door het land. In Kalijiri National Park was geen oudere te bekennen. “Ze vinden het nog te warm”, reageerde de campingmedewerker. “Over een week of vier komen de eersten.” Grappig toch, zo’n groep rondreizende pensionados.